Lintje voor buurtvader Hassan Bouzaghoud

19 december 2019

Hij is er nog steeds beduusd van, Hassan Bouzaghoud. Eind november stapte hij nietsvermoedend buurtcentrum Bario binnen in zijn wijk Transvaal, in de verwachting een bespreking over de komende jaarwisseling bij te wonen. “Maar toen zag ik dat er allemaal mensen waren, en dat er lekkere hapjes op de tafels stonden”, vertelt Bouzaghoud. “En ineens zag ik mijn dochters en kleinkinderen tussen de mensen staan! ‘Wat doen jullie hier’ vroeg ik ze. ‘Oh, we wilden gewoon eens kijken wat voor werk je doet’ zeiden ze.” 

Maar pas toen locoburgemeester Bert van Alphen de microfoon pakte en het woord tot Hassan richtte viel het kwartje. Even later klonken de beroemde woorden ‘het heeft zijne majesteit behaagd...’, en sindsdien mag Hassan Bouzaghoud zich lid in de Orde van Oranje Nassau noemen. Mede op voordracht van woningcorporatie Staedion. “Toen Van Alphen mijn naam uitsprak voelde ik tranen van dankbaarheid in mijn ogen prikken. En van trots. Twintig jaar heb ik me dag en nacht ingezet voor de wijk. Want dit is mijn stad. En dit is mijn land.”

Die laatste overtuiging komt Bouzaghoud best vaak op kritiek te staan vanuit de Marokkaanse gemeenschap. “Oh, zeker, ik ben wel eens voor verrader en overloper uitgemaakt”, vertelt de kersverse lintjesdrager. “Nog steeds. Maar ik zeg dan tegen die mensen: luister eens, jij bent hier misschien niet geboren, maar je kinderen wel, en je kleinkinderen ook. Hoe Marokkaans ben je als je hier geboren en getogen bent? En: dit is het land dat voor je zorgt als je ziek bent, niet Marokko. Dit is het land waar je een uitkering kunt krijgen als je niet kunt werken. Dit is het land waar voor je kinderen gezorgd wordt. Wat je hier krijgt krijg je echt niet in Marokko of Turkije. Dus Nederland is je land.”

Tekst gaat verder na de foto

Colombiaplein
Hassan Bouzaghoud woont sinds 1998 in de wijk, en meldde zich meteen aan om vrijwilligerswerk te gaan doen. Hij herinnert zich nog maar al te goed hoe Transvaal er rond die tijd bij lag: een wijk waar het ronduit gevaarlijk was en waar drugdealers en jeugdbendes het voor het zeggen hadden. “Ik zag voortdurend van alles gebeuren, maar niemand durfde er wat tegen te doen. Dankzij opbouwwerker Hassan El Bouzidi en Paul van der Knijff van Staedion kregen we toch de handen op elkaar om de wijk te verbeteren. Die twee mannen hebben ons zo enorm gesteund. De echte ommekeer kwam toen burgemeester Deetman de wijk bezocht. En ik vroeg hem tijdens de klankbordvergadering ‘Zullen we het Joubertplein maar omdopen tot Colombiaplein?’ Hij schrok ervan. Kort daarna kwamen er veel meer wijkagenten bij en werd het gelukkig beter en veiliger. En nu? Nu kunnen mensen weer rustig slapen.”

Dat Bouzaghoud meewerkte met de gemeente en de politie werd hem niet altijd in dank afgenomen. Zeker niet wanneer jonge Marokkaanse criminelen ingerekend werden. “Voor mij gaat het om alle mensen die hier wonen, niet alleen de Marokkanen. ‘Jouw zoon is mijn zoon’, zo leert mijn geloof. Wat verboden is, is verboden, of je nou Hollander, Marokkaan of wat dan ook bent. Wil je geld verdienen? Ga werken. Maar ga niet anderen kapot maken door die troep te verkopen.”
 

50 auto’s in de fik

Als buurtvader is Hassan Bouzaghoud elke dag –en soms ook ’s nachts- in de wijk te vinden. Of ergens anders in de stad. Zeker nu de jaarwisseling eraan komt is het opletten geblazen. “Vroeger gingen er rustig 50 auto’s in de fik met Oud en Nieuw. Tegenwoordig misschien een of twee. Dat is toch een stuk beter. Met een groep van zo’n 25 buurtvaders houden we een oogje in het zeil. En we ruimen ook dingen op, of spreken mensen aan als ze rommel maken of bijvoorbeeld brood weggooien, dat trekt namelijk ratten aan. We kijken ook of mensen de ondergrondse afvalcontainers goed gebruiken. Soms zie je toch dat mensen vuil stiekem ergens dumpen, ik snap daar niks van. Een schone wijk is belangrijk. Nog steeds denken mensen, als je zegt dat je uit Transvaal komt, dat het hier onveilig en vies is. Maar gelukkig wordt dat beeld langzaam maar zeker beter.”
 

Segbroek

Voor Hassan Bouzaghoud is het lintje geen eindpunt. “Welnee! Ik ga gewoon door met doen wat ik altijd al deed. Tot ik doodga! En ik hoop dat er, ook in andere delen van de stad, meer buurtvaders opstaan. Er zijn veel problemen in allerlei wijken. Neem nou de Laan van Meerdervoort, of bij de Weimarstraat. Daar doet de straatverlichting het al weken niet, met alle onveilige gevolgen van dien. Dan vraag ik me af: waar zijn de buurtvaders van Segbroek dan? En waar zijn de bewoners? We willen allemaal in een schone en veilige buurt wonen, maar dat lukt alleen als we daar ook zelf wat aan bijdragen.”