Woongemeenschap Stanfasti: een beetje op elkaar letten

23 juni 2022

Wonen in een woongemeenschap is gezellig. Daar kan Gerda de Bruin uit Laak over meepraten. Ze kwam 19 jaar geleden wonen in Stanfasti, een woongemeenschap voor creoolse bewoners. En sinds kort is Gerda voor de tweede keer bestuurslid.

In Den Haag zijn verschillende woongemeenschappen voor mensen met diverse culturele en religieuze achtergronden, zoals Hindoestaanse, Javaanse of Chinese bewoners. Woongemeenschap Stanfasti aan de 1e Laakdwarsweg is bedoeld voor creoolse bewoners. “Deze gemeenschap is 25 jaar geleden opgericht,” vertelt Gerda. “Ik ben hier 19 jaar geleden komen wonen. Het grootste deel is creools, maar er zijn ook een paar bewoners met een Hindoestaanse of een andere achtergrond. We zijn niet zo gesloten.”
 

Steile trappen

Gerda woonde voorheen in de Antheunisstraat, waar ze toen een eigen huis had. “Ik kreeg problemen met mijn rug en knieën, en kon de hoge, steile trappen niet meer op.” Ze lacht heel hard als ze vertelt: “Ik was te trots voor een traplift, en nu loop ik met een rollator, hahaha!” Ze zou in het huis van haar benedenbuurman gaan wonen, maar dat ging niet door, zegt ze. “Toen heb ik me voor Stanfasti ingeschreven. Na een maand kwam deze woning vrij. Ik had geluk.”
 

Eropuit

Stanfasti betekent ‘standvastigheid’ en is ook de naam van het paarse bloemetje dat het logo van de gemeenschap siert. De groep telt 30 woningen voor 55-plussers. De meeste bewoners doen mee met de activiteiten in de gemeenschappelijke ruimte beneden. “Elke maandag is er bingo met in de pauze een warme maaltijd. Ook zijn er kerkdiensten van de Evangelische Broedergemeente die in de Chasséstraat zit. De meeste van onze bewoners zijn daarbij aangesloten.”
 

Ooievaarspas

Gerda is heel actief binnen de woongemeenschap. “Ik heb lang in het bestuur gezeten, vanaf 2005 twee termijnen. En sinds februari zit ik weer in het bestuur. In mijn eerste periode zijn we begonnen met Keti Koti, de viering op 1 juli van de afschaffing van de slavernij. Ook het kerstfeest hebben we vaak samen gevierd. En we lieten mensen voorlichting geven over allerlei thema’s. Veel bewoners laten dingen liggen waar ze recht op hebben en ik wil ze daar graag op wijzen. Daarom is er voorlichting geweest over bijvoorbeeld de Ooievaarspas, mantelzorg en reizen met de bus. Sinds ik weer in het bestuur zit, is die voorlichting weer opgestart.”
 

Dagtrip

De groep maakt ook uitstapjes, vertelt Gerda. “Dan gaan we met de bus op dagtrip. Zo zijn we een keer naar het Drielandenpunt geweest en naar een glasblazerij in Leerdam. In 2009 hebben we bij het Afrikamuseum in Nijmegen het eerste Keti Koti-festival meegemaakt. Inmiddels is dat heel groot, er komen nu duizenden mensen op af.”
 

Aspirantenlijst

Het bestuur heeft een wachtlijst voor een vrijkomend huis. De meeste kandidaten komen via bewoners. Gerda: “Als iemand weggaat, dragen wij de eerste op de lijst aan Staedion voor. Staedion beoordeelt de kandidaat, onder andere op het inkomen. Het is fijn als er iemand komt wonen die de activiteiten waardeert en die contact wil.” Voor een sociaal mens als Gerda is dat belangrijk. “Ik ben opgegroeid met sociaal werk. In Suriname runde mijn man een slagerij en ik een rotishop. We zorgden altijd voor elkaar. Dat is hier ook weer zo. We letten allemaal een beetje op elkaar en we brengen elkaar eten als we wat over hebben.” Ze heeft het nog niet gezegd of de bel gaat. Een buurvrouw komt brood en fruit brengen. Gerda is blij: “Kijk nou, lief hè?”
 

Lange inloop

In februari is er subsidie aangevraagd voor nieuwe activiteiten, zegt Gerda. Daarvan hebben ze Valentijnsdag en een paasbrunch georganiseerd en er komt een kaarttoernooi aan. Ook is het bestuur meer zichtbaar. “We zitten nu als bestuur elke donderdag beneden, dan kan iedereen ons aanspreken. Voordat de gym begint, zitten we er, dan is er inloop van 11 tot 2. Afgelopen keer was het zo gezellig dat we tot 4 uur zijn gebleven!”


Gerda met haar buurvrouw en medebestuurslid Felisita